Nieuws

15 december 2009

Boekbespreking


De Amfibieen en Reptielen van Nederland

Nederlandse Fauna 9
Redactie Raymond C. M. Creemers en
Jeroen J. C. W. van Delft
Reptielen Amfibieën Vissenonderzoek Nederland (RAVON).

Prijs: 49,50 euro


Tot voorheen was ons land erg dun bezaaid met goede Nederlandse literatuur over onze amfibieën en reptielen. Daar is de laatste jaren gelukkig verandering in gekomen. In 2001 werd de ’Amfibieëngids van Europa’ van Nöllert en Nöllert in het Nederlands vertaald en in 2006 verscheen de veldgids ’Amfibieën en Reptielen’ van Stumpel en Strijbosch. Beide boeken zijn een grote aanwinst.
Wat de verspreiding van de Nederlandse amfibieën en reptielen betrof waren we sinds 1986 aangewezen op de ’Atlas van de Nederlandse Amfibieën en Reptielen' (Vijfde herpetologische verslag) van Wim Bergmans en Annie Zuiderwijk en wat was gebaseerd op circa 35.000 waarnemingen.
Nu is er dan een nieuw boek uit over de verspreiding van de amfibieën en reptielen in Nederland, onder redactie van Raymond C. M. Creemers en Jeroen J. C. W. van Delft. En wat voor een boek. Het boek onderscheidt zich van de genoemde gidsen door zijn kloeke formaat en het weegt maar liefst twee kilogram. Het aantal waarnemingen is inmiddels gestegen tot 451.710. Dat is vooral het werk van vele, vele vrijwilligers. Er werkten maar liefst 45 auteurs mee aan dit boek met ruim 400 foto’s van 60 fotografen en niet minder dan 50 pagina’s literatuurreferenties. Behalve dat alle in ons land voorkomende amfibieën (15 soorten) en reptielen (7 soorten) beschreven zijn, worden ook de hier voorkomende exoten behandeld. Zo komen o.a. de Amerikaanse brulkikker, de Roodwangschildpad en de Italiaanse Kamsalamander ter sprake. Tien algemene hoofdstukken zijn opgenomen met daarin o.a. aandacht voor cultuurhistorie en de geschiedenis van de herpetologie in Nederland. Van elk besproken dier wordt een beschrijving gegeven, gevolgd door herkenning, biologie, voedsel, predatoren, gedrag, verplaatsingen, begeleidende soorten, habitat enz. enz. Van elk dier worden een tiental fraaie foto’s getoond, die bovendien nog vergezeld gaan van erg goede tekeningen. De tekst leest heel plezierig. Vier soorten verspreidingskaartjes worden aan elke soort gewijd: een kaartje met de verspreiding van 1971-1995; een kaartje met de verspreiding van 1996-2007; een kaartje met alle waarnemingen en een kaartje met veranderingen in het aantal bezette uurhokken. Ook zij die de betekenis willen weten van de wetenschappelijke namen die aan de dieren zijn gegeven, komen aan hun trekken. Zelfs wordt er een hoofdstuk gewijd aan zeeschildpadden die hier ooit als dwaalgasten levend in zee zijn waargenomen of zowel levend als dood ooit zijn aangespoeld. Als klap op de vuurpijl is nog een cd met geluidsopnamen van al onze amfibieën bijgesloten.

Men ontkomt er praktisch niet aan dat hier en daar toch een klein foujtje binnen sluipt. Zo wordt in het hoofdstuk 'Ringslang' onder het hoofdje 'Herkenning' op blz. 302 vermeld dat vervellingshuiden van de Ringslang zijn te onderscheiden van die van de Gladde slang en de Adder aan de hand van de aanwezigheid van een kiel op de schubben. Dit gaat echter alleen op voor de Gladde slang. De Adder heeft eveneens gekielde schubben.
Niets dan lof over dit prachtig verzorgde boek, dat getuigd van grote kennis van amfibieën en reptielen bij de mensen die hier aan hebben meegewerkt.
Bij een ieder die de koudbloedigen een warm hart toedraagt, hoort dit boek dan ook op de boekenplank te staan.

Jelle Hofstra


Bron: Werkgroep AmfibieŽn en Reptielen Frysl‚n (WARF)